Menu

De bescherming van persoonsgegevens is meer dan enkel privacy: praktische voorbeelden

Aan de hand van enkele voorbeelden verduidelijkt auteur Frankie Schram dat de bescherming van persoonsgegevens meer is dan enkel een zaak van persoonlijke levenssfeer.

27-05-2020 - door Frankie Schram

 

  • Het filmen van betogingen door de politie wringt immers niet alleen of niet altijd met het recht op privacy, maar ook met de vrijheid van meningsuiting die ontmoedigd wordt. Mensen blijven weg van betogingen als ze weten dat ze worden gefilmd. De vrijheid van meningsuiting wordt door het Europees Hof omschreven als een van de essentiële grondslagen van een democratische samenleving en een primordiale voorwaarde voor de vooruitgang ervan en voor ieders ontplooiing. Dit gegeven moet meespelen bij de beoordeling van de wettigheid en de proportionaliteit van deze praktijken. Het filmen van personen, ook buiten de context van betogingen, heeft eveneens een weerslag op de grondrechten, namelijk op de vrijheid van komen en gaan. Het privacyrecht zal in dit voorbeeld niet altijd aangenomen worden, omdat het hier de publieke ruimte betreft.[1] Het recht op bescherming van persoonsgegevens is evenwel probleemloos van toepassing. Dit wil niet automatisch zeggen dat deze filmpraktijken verboden zijn, wel dat ze aan de juridische spelregels van de Wet van 8 december 1992 onderworpen zijn.

 

  • Het gebruik van cookies en andere profileringsmethoden heeft belangrijke consequenties voor het grondrecht op gelijkheid en non-discriminatie. Meer en meer richten bijvoorbeeld werkgevers zich bij werkaanbiedingen op profielen van de ideale kandidaat. Niet zelden wordt daarbij zonder medeweten van de betrokkene op zoek gegaan naar nuttige persoonsgegevens. In Frankrijk verzamelde een bedrijf via het kaartensysteem gedetailleerde informatie over de voedingsgewoontes van elk personeelslid.[2] Een Duits bedrijf stelde vast dat de productiviteit van oudere, vrouwelijke werknemers onder het gemiddelde lag. Via het personeelsinformatiesysteem werd nagegaan waar deze vrouwen woonden. Daarbij bleek dat het merendeel van hen woonde in dorpen in de omgeving van het bedrijf en zij met de bedrijfsbus naar het werk werden gebracht. Door deze bedrijfsbus af te schaffen konden deze werkneemsters het bedrijf niet meer bereiken en waren zij gedwongen ontslag te nemen.[3] Rigaux ontwaart een analogie tussen het racisme en het gebruik van deze profielen[4]: door ervan gebruik te maken, projecteert men op het individu bepaalde gedragsfeiten die gemeen zijn aan de groep waartoe hij zou behoren en die deze groep onderscheiden van de rest van de bevolking.

 

  • Het omgaan met persoonsgegevens is een zaak van het mediarecht en (ruimer) de vrijheid van informatie. Deze vrijheid wordt op Europees niveau omschreven in artikel 10 EVRM: “Een ieder heeft het recht op vrijheid van meningsuiting. Dit recht omvat de vrijheid een mening te koesteren en de vrijheid om inlichtingen en denkbeelden te ontvangen of door te geven, zonder inmenging van overheidswege en ongeacht de grenzen”. Vooral de laatste woorden ‘ongeacht de grenzen’ schijnen aan te geven dat aan de internetgebruikers een zo groot mogelijke bewegingsruimte moet worden gegeven. Het artikel rept niet over mogelijke inmengingen van de zijde van particulieren. Toch schuilt precies op dit punt een belangrijke dreiging voor de vrijheid van informatie en wel een die eigen is aan het systeem van internet zelf. Immers, door het opstellen van cookies en het anticiperen op de verlangens van de internaut op basis van profielen, manipuleren de webservers “de vrijheid om inlichtingen en denkbeelden te ontvangen of door te geven”. Van deze vrijheid schiet in feite niets meer over wanneer de consument wordt vastgebonden aan een profiel. Deze vorm van ‘nichemarketing’ ontneemt hem immers de mogelijkheid zich met nieuwe impulsen te voeden en de confrontatie aan te gaan met vernieuwende ideeën. In “Het Informatiemoeras” wijst David Schenk op de democratische gevaren van deze evolutie, waarbij informatie in handen komt van de commercie. Het vercommercialiseerd informatielandschap werkt isolement en conservatisme in de hand. Het publieke domein schrompelt ineen en de agora wordt vervangen door de niche. [5]

Auteur: Frankie Schram

Meer te weten komen over het elektronische bestuurlijke gegevensverkeer in Vlaanderen en de bescherming van de persoonlijke levenssfeer, de rechten van de betrokkene of het recht op bescherming van communicatie? Bekijk dan het handboek Privacy & Persoonsgegevens.

[1] Zie hierover kritisch: P. DE HERT., Privacy en het gebruik van visuele technieken door burger en politie. Belgische regelgeving vandaag en morgen, Brussel, Politeia, 1998, randnummer 20-22.

[2] A. MOLE, “Informatique et libertés du travail: les nouveaux enjeux”, Dr. soc. 1990, 62, nr. 1.

[3] P. VANDER HEIDEN, “Privacybescherming op de werkplaats”, Informatie en Informatiebeleid 1990, nr. 4.

[4] F. RIGAUX, La protection de la vie privée et des autres biens de la personnalité, Brussel, Bruylant, 1990, 597-598.

[5] D. SCHENK, Het Informatiemoeras, Amsterdam, Contact, 1998, 205 p.

Ook interessant

Recht

E-government in het federale België

Dirk De Bot

Bestel

Recht

De Salduzregeling - theorie en praktijk, vandaag en morgen

Bestel

Recht

Hergebruik overheidsinformatie

Frankie Schram

Bestel

Bestuur & organisatie, Communicatie & informatie, Omgeving, Personeel, Politiek, Recht, Sociaal beleid & werk

Extenso

Bestel

Privacy & persoonsgegevens

20 Oct

Opleiding: Toegang tot persoonsgegevens in burgerzaken

Locatie: Uitgeverij Politeia, Keizerslaan 34, 1000 Brussel

Prijs: € 125

Schrijf u in