Menu

Politionele handhaving en gegevensbescherming: een beladen wedstrijd met het COC als scheidsrechter

Politionele (en justitiele) handhavers worstelen dagelijks met de toepassing van de privacy- en gegevensbeschermingsregels. Zowel om ze goed te begrijpen, de reflex te hebben er voldoende aandacht voor te hebben, ze (bewust of onbewust) niet te negeren en vooral om ze in de dagelijks politiepraktijk in te passen.

14-10-2020 - door Frank Schuermans

Dat er een groot spanningsveld bestaat tussen de noden en contraintes van de politionele handhaving en de privacyvereisten is een open deur intrappen. Die beladen tweestrijd zit ook ingebakken in de grondslagen van de beide disciplines. Waar strafrechtshandhaving uitgaat van basisconcepten als ‘geheim’ en ‘niet tegensprekelijk’ zijn de ordewoorden bij privacy en gegevensbescherming daarentegen ‘transparantie’ en ‘rechten van de betrokkene’. Dat vloekt niet alleen in de principes, maar ook in de regelgeving. Gewezen Antwerps procureurgeneraal Liegeois concludeerde in zijn mercuriale van 2007 dat het Openbaar Ministerie weinig anders kon dan die regels niet toe te passen omdat ze vloeken met strafvorderlijke voorschriften. Tot voor kort deed men bij politie en justitie door de bank genomen dan ook alsof er geen privacyregels bestonden en dat lukte in de praktijk trouwens wonderwel. Zelden tot nooit werd de politie of het Openbaar Ministerie geconfronteerd met lastige vragen van advocatuur of middenveldorganisaties.

Sinds het nieuwe gegevensbeschermingskader met de AVG, de Politierichtlijn en de Belgische Wet Gegevensbescherming van 30 juli 2018 zijn de zaken grondig gewijzigd. Doen alsof die regels niet bestaan, is er niet meer bij. Integendeel, de geïntegreerde politie (GPI) wordt er nu dagelijks mee geconfronteerd op verschillende manieren, vooreerst door de burger die ongetwijfeld alerter en gevoeliger geworden is. Dat bewijst onder meer de sterke stijging van het aantal verzoeken tot (onrechtstreekse) toegang tot zijn of haar politionele data.

 

Vervolgens door de toegenomen interesse bij de balie. Er is nog veel marge voor verbetering, maar de evolutie is ontegensprekelijk daar. En tot slot door de creatie van een specifieke politionele dataprotectie autoriteit, met name het Controleorgaan op de Politionele Informatie (COC). Het overhevelen van de toezichthoudende bevoegdheid van de Gegevensbeschermingsautoriteit naar het COC brengt een exponentiele toename van het belang van privacy teweeg. De GPI wordt nu geconfronteerd met lastige vragen, omvangrijke visitaties en zelfs corrigerende bevoegdheden die rechtstreeks ingrijpen in de werking (cf. het stilleggen door het COC van de gezichtsherkenningscamera op de nationale luchthaven). Meer over de werking van het COC vindt u op zijn website (www.controleorgaan.be), maar we zien dat de GPI ook meer en meer advies vraagt vooraleer bepaalde gegevensverwerkingen op te starten en de awareness dus toeneemt. Dat is een hele vooruitgang in vergelijking met de gebruikelijke situatie waarin de GPI operationeel van start ging zonder zich veel vragen te stellen. Hoe dan ook, het COC moet zeer regelmatig een delicate evenwichtsoefening maken tussen privacyhandhaving en operationele handhavingsnoden en heeft derhalve de soms ondankbare taak te moeten arbitreren.

Om steeds op de hoogte te zijn van de laatste wetgeving en actuele ontwikkelingen binnen privacy, persoonsgegevens en gegevenswerking, kunt u terecht bij het tijdschrift Privacy & Persoonsgegevens, waarin dit opiniestuk verschenen is. 

Ook interessant

Recht

Privacy & Persoonsgegevens: functionaris voor de gegevensbescherming: Cahier | 2de editie

Frankie Schram

Bestel

Recht

Big Data Rapport

Cliff Beeckman
Frank De Smet
Dieter Verhaeghe

Bestel

Recht

Codex algemene verordening gegevensbescherming

Dirk De Bot

Bestel

Recht

Reeks Privacy & Persoonsgegevens

Frankie Schram

Bestel